Text Size

Op naar Kopenhagen... en terug naar af

Het voordeel van Grote Internationale Conferenties is dat je er makkelijk op voorhand een artikel over kunt schrijven. Het verloop van het gebeuren rond deze conferenties is immers even voorspelbaar als het jaarlijkse bezoek van de sint aan de brave kinderen.
Dossier door Jean Peltier. Dit artikel verscheen in de decembereditie van ons Belgisch blad Socialistisch Links

Het begint met een maandenlang durend mediabombardement over de enorme inzet en de nood aan historische beslissingen. Vervolgens wordt de toon wat alarmerend: de voorafgaande onderhandelingen tussen de grootmachten verlopen stroef, iedereen houdt voet bij stuk en er is geen enkele vooruitgang. De wereld houdt zijn adem in.

Uiteindelijk vindt de top plaats onder grote mediabelangstelling met duizenden correspondenten ter plaatse. Het geheel wordt afgesloten met een triomfantelijke verklaring waarin alle goede intenties worden herhaald en waarin de afwezigheid van enige “concrete en bindende beslissingen” handig wordt toegedekt. Dat weerhoudt de journalisten er overigens niet van om nog enkele dagen verder te borduren op de enorme uitdagingen. Enkele moedige wetenschappelijke stemmen proberen intussen gehoor te vinden voor hun ontgoocheling en hun bekommernissen. Tenslotte verdwijnt de aandacht en is het uitkijken naar de volgende Grote Conferentie.

De Klimaattop in Kopenhagen is geen uitzondering op de regel. De inzet en de dringendheid zijn enorm. Tegelijk is nu reeds duidelijk dat er geen maatregelen zullen komen om effectief de strijd tegen de klimaatveranderingen te voeren.

 

Onhoudbare opwarming

In 2007 bevestigde een rapport van het Internationaal Panel inzake Klimaatverandering (IPCC) reeds dat een temperatuursstijging van meer dan twee graden in vergelijking met het pre-industriële tijdperk (amper twee eeuwen geleden!) catastrofale gevolgen met zich mee zou brengen. Vandaag stellen de meeste wetenschappers dat de temperatuur met meer dan twee graden zal toenemen, er wordt uitgegaan van een stijging met drie tot zes graden tegen het einde van de eeuw.

 

Naarmate de temperatuur toeneemt, zijn de oceanen steeds minder in staat om uitstootgassen op te nemen. Bovendien bevindt er zich heel wat koolstof onder de permafrost (permanent bevroren ondergrond in de polaire gebieden). Indien deze koolstof allemaal vrij komt door het afsmelten van de polen, gaat het om meer CO2 dan er momenteel in de atmosfeer zit. Experts stellen dat een verdere toename van de uitstoot van koolstofdioxide, sulfaat en stikstofdioxide aan het actuele stijgingsritme binnen de 100 jaar tot catastrofes zal leiden. We bevinden ons aan de drempel van een onomkeerbare situatie waarbij er niets meer mogelijk is om de klimaatveranderingen te stoppen.

Sommigen denken dat de globale opwarming ons zou toe laten om pakweg kiwi’s te kweken in Mechelen of om in badpak over de kerstmarkt van Luik te paraderen. In de werkelijkheid betekent een globale opwarming vooral een versnelde opmars van de woestijnen in Afrika en Azië. Daarnaast bedreigt een stijging van de zeespiegel dicht bevolkte kustgebieden en leidt het tot een toename het aantal cyclonen, stormen en overstromingen. Het afsmelten van eeuwige sneeuw en ijs in de Himalaya, een reële mogelijkheid in deze eeuw, zou de grote Indische rivieren droog leggen. Het aantal klimaatvluchtelingen zou hierdoor met tientallen tot honderden miljoenen mensen toenemen.

Het gebruik van fossiele energiebronnen – gas, olie, kolen – is de belangrijkste bron van uitstoot van broeikasgassen. Dat vormt de basis voor klimaatveranderingen. Niets wijst op enige verandering op dat vlak. Het laatste rapport van het Internationaal Energie Agentschap stelt vast dat fossiele energiebronnen in 2030 nog steeds goed zullen zijn voor 80% van het energiegebruik.

 

Markt: niet efficiënt voor de meerderheid, winstgevend voor de minderheid

Sinds de eerste klimaatconferentie in Rio (1992) stapelen de rapporten en conferenties zich op. De toon wordt steeds alarmerender. Hoe komt het dan dat er niets – of toch heel weinig – verandert?

Een eerste reden is dat de “groene” beleidsmaatregelen van de regeringen en instellingen als de EU, Wereldbank en IMF vertrekken van de belangen van de zakenwereld. De strijd tegen de globale opwarming wordt bekeken vanuit een financieel oogpunt en niet vanuit een miliestandpunt op langere termijn.

Het meest frappante voorbeeld is dat van de handel in “emissierechten”. De meest vervuilende landen kunnen rustig verder veruilen, maar dan moeten ze wel “emissierechten” opkopen van landen met minder vervuiling. Het resultaat hiervan is dat er weinig wordt gedaan tegen de vervuiling. Op financieel vlak vormt deze handel wel een geliefkoosd onderwerp van speculatie (1).

Er zijn ook andere mechanismen waarmee de grote energiemultinationals hun projecten met fossiele energiebronnen verder uitbreiden. Zo wordt gewerkt met compensatiemaatregelen: het planten van bomen om CO2 op te nemen, het opslaan van CO2 onder de grond,... De winst gaat telkens naar de multinationals: ze blijven enorme winsten maken met hun klassieke vervuilende producten en ze krijgen tegelijk subsidies en goedkoop krediet om alternatieven te ontwikkelen die misschien niet erg efficiënt zijn op ecologisch vlak, maar die wel kunnen worden doorverkocht aan andere bedrijven.

Een andere reden waarom de klimaatpolitiek vandaag zo weinig zoden aan de dijk zet, komt voort uit het feit dat de “slechte wil” niet beperkt is tot de grote bedrijven. Ondanks alle mooie woorden van Obama blijven de VS zich verzetten tegen een bindend klimaatakkoord. De Amerikaanse regering vreest immers dat dit de economische problemen in het land zou versterken en haar leidinggevende economische positie kan bedreigen. Opkomende machten als China, India of Rusland verzetten zich tegen maatregelen die hun economische ontwikkeling kunnen afremmen. Minder ontwikkelde landen stellen dat ze wel maatregelen willen nemen als ze daar financiële middelen toe krijgen van rijkeren landen. Die wijzen dat uiteraard af.

Zowel de bedrijven als de regeringen volgen dezelfde dominante kapitalistische concurrentie- en winstlogica. Dat gaat ten koste van de bevolking en het milieu.

 

Komt het socialisme te laat?

De uitdagingen voor het klimaat en het milieu zijn dermate groot en dringend dat sommigen ter linkerzijde menen dat discussies over de nood aan een socialistisch antwoord op de ecologische crisis te laat komen. Het argument luidt dat er geen socialisme mogelijk is op een dode planeet en dat bijgevolg onmiddellijk moet worden gehandeld.

Uiteraard vinden ook wij dat er snel en doeltreffend moet worden opgetreden. De afgelopen decennia zagen we evenwel dat er weinig resultaat wordt bereikt als de beslissingen en het toepassen ervan overgelaten worden aan de grote bedrijven en de regeringen. Waarom zou dat nu plots veranderen? Om sneller en doeltreffender het milieu te redden, moeten we net ingaan tegen het kapitalistisch systeem.

Als de productie aan de kapitalistische concurrentie- en winstlogica wordt onttrokken, dan wordt het mogelijk om een einde te stellen aan onnodige productie en vervuilende energie. De nadruk kan dan liggen op maatschappelijk nuttige productie en de ontwikkeling van duurzame en propere energie. Er zouden al heel wat middelen vrijkomen indien enkel nog maar een einde wordt gesteld aan uitgaven als bewapening, reclame of financiële speculatie. Deze middelen kunnen worden aangewend voor onderzoek naar en de ontwikkeling van andere energiebronnen.

Een dergelijke omvorming kan uiteraard niet van bovenaf worden opgelegd door een “verlichte” minderheid. Het is pas mogelijk op basis van een brede democratische discussie op alle niveaus (werkvloer, wijken, gemeenten, regionaal, nationaal en internationaal). Dat moet leiden tot duidelijke keuzes en een democratische planning van de productie in functie van de behoeften van de mensheid en niet voor de winsten van een minderheid van grote aandeelhouders, bankiers en patroons.

Hiertoe is het noodzakelijk dat de reële macht niet langer wordt overgelaten aan de kapitalisten maar in handen komt van de meerderheid, de arbeiders, boeren en armen. Het socialisme is niets dat pas na het redden van de planeet op de agenda staat. Het is een voorwaarde voor de reddingsoperatie.

 


(1) In het novembernummer van Socialistisch Links werd daar dieper op ingegaan. Zie de online versie van dit artikel