Text Size

Venezuela: imperialistisch offensief opgedreven na verkiezingen

Alleen als de arbeidersklasse de macht uit handen van de kapitalisten en bureaucraten haalt, kan de reactie verslagen worden

Op 30 juli waren er verkiezingen voor de “Nationale Grondwetgevende Raad” (NGR). In de dagen voor deze verkiezingen steunden het VS-imperialisme en de partij MUD (een alliantie van rechtse en extreemrechtse krachten) een campagne van dreigementen en geweld om de verkiezingen te vermijden. Het Amerikaanse en Europese imperialisme en verschillende kapitalistische regeringen kondigden aan dat ze het resultaat niet zouden aanvaarden. Het Witte Huis dreigde er zelfs mee om de olie-inkomsten vanuit de VS, de belangrijkste afnemer van Venezolaanse olie, plat te leggen. Dat zou een enorm economisch probleem vormen voor de bevolking.

Standpunt door Izquierda Revolucionaria en Socialismo Revolucionario (Venezuela)

 

Op de verkiezingsdag riep MUD niet alleen op tot een boycot. In de rijkere buurten waar de partij de controle heeft, werd wie wel ging stemmen bedreigd en waren er barricades om de toegang tot kiesbureaus te verhinderen. Er was zelfs een terreuraanslag in Caracas met een bom die soldaten raakte die kiesbureaus bewaakten.

Het feit dat in deze context miljoenen mensen toch gingen stemmen, tegen het advies van het imperialisme en de rechterzijde in Venezuela in, toont dat er nog steeds een potentieel is om de contrarevolutie te stoppen. De arbeidersklasse moet zich daartoe zelf organiseren en het verzet in handen nemen. Dat is waar de burgerij en het imperialisme bang van zijn.

Ze reageerden hysterisch in de dagen na de verkiezingen en voeren de druk op Maduro en de regering op, vooral de top van het leger staat onder druk. Het officiële doel van het protest is om de resultaten van de verkiezingen te annuleren. Maar elke stap of toegeving van de regering in deze richting zal slechts een eerste zijn in het bekomen van waar rechts nu al maanden voor opkomt in een gewelddadige campagne waarin 112 mensen het leven lieten. Het doel is om de regering weg te krijgen en te vervangen door een MUD-regering die een beleid voert zoals dat van Temer in Brazilië of Macri in Argentinië.

Kapitalistisch beleid van de regering

Het mislukken van de 48-urenstaking waartoe MUD had opgeroepen op 26 en 27 juli en de mobilisatie van een aanzienlijk deel van de massa’s voor de verkiezingen, ondanks de dreigementen en de chantage, tonen dat de rechtse plannen nog kunnen gestopt worden. Dit is enkel mogelijk indien de werkenden en armen zich aan het hoofd van de staat plaatsen in plaats van de bazen en bureaucraten die het daar nu voor het zeggen hebben. Er moet bovendien een socialistisch beleid gevoerd worden.

Het beleid van de huidige regering gaat jammer genoeg in de omgekeerde richting. De afgelopen twee jaar heeft de wereldwijde kapitalistische crisis, vooral de daling van de grondstoffenprijzen, de Venezolaanse economie hard geraakt. Dit ging gepaard met een hoog niveau van corruptie. Het maakt dat er volgens sommige onderzoeken meer dan 300 miljard dollar uit de economie verdwenen is. De buitenlandse reserves staan op een extreem dieptepunt, wat problematisch is voor de import in een economie die meer importeert dan exporteert.

Onder druk van de burgerij en als onderdeel van het beleid om allianties te zoeken met zogenaamde “productieve (of patriottische) werkgevers”, heeft de regering maatregelen genomen die ingaan tegen de belangen van de werkende bevolking. Zo wordt de terugbetaling van de buitenlandse schulden aan banken en multinationals stipt gedaan, ook al betekent dit dat er minder middelen zijn voor voedsel en voor de bestrijding van tekorten. Er zijn prijsverhogingen en de rechten van werkenden worden afgebouwd. Werkgevers gaan over tot massale afdankingen, ook in overheidsbedrijven. Er zijn zogenaamde ‘speciale economische zones’ opgezet van waar de uitbuiting kan opgedreven worden. Mijnregio’s zijn aan multinationals overgeleverd zodat ze de natuurlijke rijkdommen kunnen plunderen en de arbeidsvoorwaarden ondermijnen. Het regime hoopt zo tot akkoorden te komen met het nationale en internationale kapitalisme.

Bovenop deze elementen heeft de speculatie op zowel de prijzen als de munt geleid tot enorme tekorten, niet alleen wat voedsel betreft maar ook inzake geneesmiddelen, bouwmaterialen en onderdelen voor machines. Samen met de hoogste inflatie van het continent, ongeveer 500% in 2016 en voor dit jaar wordt een inflatie in vier cijfers verwacht, is het niet verwonderlijk dat het ongenoegen onder de bevolking toeneemt. De rechterzijde speelt daarop in door aan te sturen op straatconfrontaties met een golf van geweld.

Dit geweld de kop indrukken, was volgens de regering een van de doelstellingen van de Grondwetgevende Raad. Maar veel basisactivisten van de Bolivariaanse beweging zagen de oproep tot verkiezingen als een kans om niet alleen de mobilisatie van de rechterzijde te bestrijden, maar ook om in te gaan tegen de corruptie en het beleid van de bureaucratie die veel van de sociale verworvenheden afbouwt die afgedwongen werden door de werkenden en de massa’s onder de regering-Chavez.

Het uitroepen van verkiezingen heeft het geweld op straat niet gestopt, maar net opgevoerd. Het leidde tot 112 doden en de vernieling van publieke en private bedrijven. Vertegenwoordigers van verschillende regeringen en senatoren uit Chili en Colombia trokken naar Den Haag om Maduro aan te klagen wegens misdaden tegen de mensheid. De vroegere Spaanse premier Zapatero kwam naar Venezuela om laatste onderhandelingen te voeren in de hoop om de verkiezingen te vermijden, maar er werd geen akkoord bereikt.

Er waren bijgevolg verkiezingen en dit in een sfeer van enorme druk en spanningen. Veel kiesbureaus moesten verplaatst worden omwille van geweld tussen vertegenwoordigers van MUD en de politie waardoor het te gevaarlijk was. In sommige kiesbureaus werd alles vernield en waren er gewapende confrontaties waarbij er doden en gewonden vielen.

Het maakte dat de opkomst in bepaalde gebieden erg laag was. Elders kwamen grote delen van de bevolking stemmen uit protest tegen de contrarevolutie. Zoals we eerder stelden, zou de opkomst hoger geweest zijn indien er verkiezingen waren voor een Revolutionaire Grondwetgevende Vergaderingen die een arbeidersregering zou verkiezen vanuit permanent afzetbare verkozen vertegenwoordigers van werkplaatsen en wijken om de strijd tegen het rechtse parlement en de pro-kapitalistische bureaucratie te voeren.

Bureaucratie van de regering versus kritische basis

Tijdens deze verkiezingen kende een deel van de basis van de Chavista-beweging een nieuwe ervaring van strijd tegen de bureaucratie. Dit versterkt de kritiek op die bureaucratie. Het feit dat 54.000 mensen zich kandidaat stelden voor de Grondwetgevende Raad wijst erop dat de bureaucratie de controle op de kandidaturen had verloren en dat er een sfeer van opstandigheid groeide.

De leiding van de strijd tegen de reactie kan niet overgelaten worden aan dezelfde leiders die steeds meer gewantrouwd worden door de massa’s omdat ze een kapitalistisch beleid voeren en zichzelf afzonderen van de bevolking. In verschillende regio’s werd de verkiezingscampagne niet gevoerd op basis van initiatief van onderuit maar met bureaucratische methoden waarbij verkiezingsregels gebroken werden en waarbij de electorale machine van de heersende partij PSUV werd gebruikt tegen de basis om een overwinning van de kandidaten van de bureaucratie te garanderen. Deze kandidaten waren vaak ministers, ex-ministers, burgemeesters en vakbondsleiders met weinig autoriteit of legitimiteit. Het doel was vooral om de kandidaten van onderuit te stoppen.

De bureaucratie gebruikt zelfs methoden zoals het onder druk zetten van overheidspersoneel en van mensen die afhankelijk zijn van overheidssteun om te gaan stemmen en voor de kandidaten van de regering te stemmen. De bureaucratie zette druk op mensen in plaats van hen te overtuigen met een beleid dat antwoorden biedt op de problemen.

Heel wat kritische kandidaten die tegen de leiding ingingen, denken nu na over de situatie en velen protesteerden tegen de resultaten die drie dagen na de verkiezingen nog altijd niet volledig bekend waren. Die benadering van de bureaucratie helpt de strijd tegen rechts niet. Het zorgt integendeel voor ongenoegen onder de meer twijfelende lagen van de massa’s. Het maakt de demagogie van de rechterzijde gemakkelijker en het maakt dat wie slachtoffer was van de bureaucratische methoden mogelijk kan overgewonnen worden door rechts.

Izquierda Revolucionaria en Socialismo Revolucionario riepen op voor een stem voor kandidaten van de basis die kritisch staan tegenover de regering. Deze kandidaten staan voor een revolutionair programma voor de verdediging van de verworvenheden die de afgelopen jaren werden afgedwongen. Wij eisen bovendien bijkomende verworvenheden die tegemoet komen aan de eisen van de werkenden en armen om de macht van de kapitalisten en de bureaucraten te stoppen en de ergste problemen van de bevolking aan te pakken.

Verkiezingsresultaten en rechts offensief

Op de avond van de verkiezingen werd aangekondigd dat 8.089.320 mensen hadden gestemd. Dat is een opkomst van 41,53% van de kiesgerechtigden. In de verkiezingen van 2015 haalde de PSUV samen met bondgenoten 5.622.844 stemmen en in de presidentsverkiezingen haalde Maduro het met 7.587.579 stemmen. We kunnen de cijfers van de regering niet zomaar aannemen: er was geen transparantie van de verkiezingen met controle op de stembusgang door onafhankelijke arbeidersorganisaties. Maar ondanks het offensief van de rechterzijde op politiek vlak, in de media en zelfs op een fysieke wijze, was de opkomst effectief significant.

De resultaten werden internationaal verworpen als frauduleus. Heel wat landen weigeren de resultaten te erkennen, de meeste hadden dit al voor de verkiezingen aangekondigd. Er wordt opgeroepen tot sancties tegen Venezuela. De VS beslisten om alle Amerikaanse bezittingen van Maduro in beslag te nemen (ook al heeft hij er geen). Maduro werd een dictator genoemd en kwam op een officiële zwarte lijst terecht. De VS dreigden ermee de olie-inkomsten af te snijden en er werd gedreigd met het blokkeren van leningen. Eigenlijk wordt gedreigd met een crimineel economisch embargo zoals dat tegen Cuba in de jaren 1960.

Venezuela staat op een kritisch keerpunt. Er zijn verschillende perspectieven mogelijk. Het VS-imperialisme, gesteund door de EU, is in het huidige offensief een pak verder gegaan dan ten tijde van de poging tot staatsgreep in 2002. Het doel is om verdeeldheid tot stand te brengen onder de legerleiding om een staatsgreep tegen Maduro uit te lokken en de weg te plaveien voor een machtsovername door MUD. Deze plannen worden nu versneld doorgevoerd.

Anderzijds kunnen we de mogelijkheid niet uitsluiten dat het imperialisme tegen de achtergrond van een confrontatie tijdelijk een stap achteruit zet en terugkeert naar de onderhandelingstafel. De marge voor zowel het imperialisme als de regering is echter sterk beperkt.

Na de verkiezingen haalde Maduro fors uit naar het imperialisme. “Een woordvoerder van Donald Trump zei dat ze ons niet erkennen. (…) Wat kan het ons schelen wat Trump zegt. We zijn enkel geïnteresseerd in wat het Venezolaanse volk zegt. (…) De sabotage van het oude parlement is voorbij, we moeten nu tot de orde van de dag overgaan.”

Onder de Chavistas hebben deze verklaringen de hoop gecreëerd dat er mogelijk een bocht naar links komt. Maar de regering kondigde tegelijk aan dat ze blijft oproepen tot dialoog en tot een alliantie met een deel van de kapitalistische klasse. In de leiding van de Grondwetgevende Raad zitten dezelfde figuren die de afgelopen jaren elk initiatief van onderuit ondermijnd hebben en elke ontwikkeling van arbeiderscontrole en arbeidersmacht verhinderden. Zij hebben ons tot de huidige situatie gebracht met een brede demoralisatie onder de massa’s waar de rechterzijde gebruik van maakt.

Deze weg zal enkel tot een nederlaag leiden. Het zal leiden tot een machtsovername door MUD of tot een regime dat zich wel Chavistisch, mogelijk zelfs socialistisch, voordoet, maar in de praktijk het staatskapitalisme consolideert met steun van het Russische en Chinese imperialisme. Het zou een einde maken aan de sociale verworvenheden en leiden tot meer armoede en uitbuiting.

Revolutionairen moeten in deze situatie opkomen voor een oprecht socialistisch programma waarmee de overwinning van de pro-imperialistische rechterzijde kan vermeden worden. Die rechterzijde is enkel uit op de olierijkdom en het wil de grondstoffen uitverkopen aan het imperialisme, zoals het dit 40 jaar lang gedaan heeft. We moeten strijden voor een alternatieve revolutionaire pool die een alternatief vormt op de bureaucratie die niet wil breken met het kapitalisme.

Het alternatief bestaat uit de organisatie en mobilisatie van de werkenden en armen zelf om de verworvenheden van de revolutie te verdedigen en uit te breiden, om de eisen van alle onderdelen van de werkende klasse op te nemen, alle onderdrukten te verenigen in een strijd om de kapitalisten te onteigenen en te bouwen aan een revolutionaire socialistische staat in de plaats van de huidige staat die kapitalistisch blijft. We moeten strijden voor een staat op basis van raden in de wijken en op de werkplaatsen met een coördinatie op lokaal, regionaal en nationaal vlak. Verkozen vertegenwoordigers moeten permanent afzetbaar zijn. De overheid moet in handen zijn van de werkenden en armen waarbij elke vertegenwoordiger slechts het gemiddelde loon van een geschoolde werkende heeft en steeds verantwoording verschuldigd is aan wie hem of haar verkozen heeft.

Is het ‘socialisme’ mislukt in Venezuela?

Het imperialisme en de wereldwijde media combineren hun hypocriete retoriek over de huidige crisis in Venezuela met demagogische pogingen om de situatie voor te stellen als een bewijs van het falen van ‘socialisme.’ Er is een poging om van Venezuela een stok te maken waarmee naar de opkomende linkerzijde in de rest van de wereld wordt geslagen. Er is een poging om het idee dat er een alternatief op kapitalisme en besparingen mogelijk is af te schieten.

Marxisten moeten klaar en duidelijk zijn: de huidige crisis in Venezuela is geen gevolg van het falen van ‘socialisme’ maar net een gevolg van een gebrek aan echte socialistische revolutie. We hebben doorheen de jaren steeds opnieuw uitgelegd dat er heel wat kansen waren om de kapitalisten aan de deur te zetten, een nieuwe staat te bouwen op basis van arbeidersdemocratie en om socialisme op heel het continent uit te breiden. De weigering van de regeringsleiders om deze kansen aan te grijpen, maakt dat we nu een poging zien om een kapitalistisch regime op te bouwen naar Chinees en Russisch model. Het kapitalisme vormt echter de basis voor de huidige crisis.

De centrale taak voor revolutionairen is om de juiste lessen te trekken uit deze ervaring en om deze te populariseren onder de militanten en activisten van de arbeidersbeweging en onder de jongeren. Dat blijven de enige krachten die de situatie kunnen keren en een revolutionaire weg inslaan. Zo kan een nieuwe en echt revolutionaire leiding opgebouwd worden: vanuit de basis, steeds verantwoording verschuldigd aan die basis en met de autoriteit van de werkende klasse bereid om een revolutionaire socialistische breuk met het kapitalisme door te voeren. Dat was de essentiële factor die tot hiertoe ontbrak.