Text Size

Oekraïne, honderden doden bij militaire confrontaties

Zes maanden nadat de voormalige Oekraïense regering onder leiding van Victor Janoekovitsj weigerde om een Associatieverdrag met de EU te ondertekenen wat aanleiding gaf tot het Euromaidan-protest, staat het land aan de rand van het opbreken en een verdere ontwikkeling van oorlog. Er vielen al honderden doden bij confrontaties in het oosten en het zuiden van Oekraïne. Verklaringen van de nieuwe president, de miljardair Petr Porosjenko, dat het vechten binnen de week moet stoppen, werden op ongeloof en woede onthaald in oostelijke steden als Slavyansk, Maripul en Donetsk waar de confrontaties aanhouden.

 

Analyse door Rob Jones vanuit Moskou
 
 
 
 

De verkiezing van Porosjenko werd goedgekeurd door de EU en de VS die in hem de meest betrouwbare van de op het westen gerichte oligarchen zien. Deze westerse ‘democratieën’ hebben er geen probleem mee dat virulente anti-Russische nationalisten, extreemrechtse politici en zelfs neofascisten in de regering van Kiev zijn opgenomen, zo zijn het ministerschap van justitie en sleutelposities in het leger in extreemrechtse handen.

Porosjenko beloofde om het Associatieverdrag te ondertekenen en stelde dat Oekraïne volledig lid van de EU moet worden. Het protest van Euromaidan was in essentie een uitbarsting van ongenoegen onder miljoenen inwoners van Oekraïne over de gevolgen van de economische crisis, de toenemende corruptie en tegen de gehate oligarchen en de stappen in de richting van een meer autoritair bewind onder Janoekovitsj. Velen op die protesten zagen aansluiting bij het Europese blok als een weg naar welvaart. Ze zullen ontgoocheld zijn als ze zien dat de EU geen plannen heeft om het land als volwaardig lid op te nemen en als de gevolgen van de drastische bezuinigingen die door de EU en het IMF zijn opgelegd als voorwaarde voor economische hulp concreet worden.

Het Maidan-protest vormde het begin van een brutale strijd tussen verschillende delen van de heersende elite in Oekraïne. Beide zijden deden beroep op reactionaire krachten, zoals de neofascistische ‘Rechtse Sector’ en de diverse pro-Russische extreemrechtse krachten. Ze doen dit om de rijkdom van het land te controleren en ze worden gesteund door kapitalistische machten die hun politieke en militaire invloed in Oost-Europa willen versterken.

De crisis heeft ook de toegenomen spanningen tussen de westerse imperialistische machten blootgelegd. De VS eiste hardere sancties tegen Rusland, terwijl Duitsland dat economisch erg afhankelijk is van handel met Rusland, zeker in de energiesector, bezorgd was dat sancties de Europese economie zouden schaden. De EU wil instabiliteit in de Oekraïne vermijden uit vrees dat het de rest van Europa schade zou berokkenen. Tegelijk probeert het regime van Poetin de westerse ambities in Oekraïne aan banden te leggen. Door een gasakkoord en andere investeringsprojecten af te spreken met China werden sterkere relaties met Peking aangeknoopt.

“Krim zal altijd Oekraïens zijn”

In de toespraak bij zijn eedaflegging eiste Porosjenko een snel einde van de “anti-terreuracties” maar hij vervolgde met de stelling dat “Krim altijd Oekraïens” zal zijn. Daarmee maakte hij meteen duidelijk dat er geen gemakkelijk en snel einde van de crisis mogelijk is. De rebellen die zich tegen het regime van Kiev verzetten controleren strategische punten in de regio’s van Donetsk en Lugansk. De gebeurtenissen van de afgelopen maanden hebben de sfeer onder de bevolking van het oosten verder versterkt, de afkeer tegenover de regering in Kiev is enkel toegenomen. Die regering voert een brutale militaire aanval uit op het oosten en zuiden van het land, zo waren er luchtaanvallen en wordt de Nationale Garde ingezet. Tegen de anti-regeringsbetogers en de werkende bevolking worden fascistische milities ingezet. In mei kwamen heel wat anti-Kiev betogers om het leven in Odessa toen het gebouw waar ze zich schuil hielden in brand werd gestoken en omsingeld door voorstanders van de regering in Kiev, waaronder vechtersbazen van de Rechtse Sector.

Door de legitimiteit van de verkiezing van Porosjenko te aanvaarden en deel te nemen aan de door de EU opgezette onderhandelingen over Russische gasleveringen aan Rusland, toonde Poetin het cynische karakter van het kapitalistische beleid in Rusland. Na maanden van propaganda over het ‘fascistische regime’ in Kiev en de noodzaak om de Russisch-sprekende bevolking te ondersteunen, toont Poetin nu dat deze rechten niet van tel zijn in vergelijking met de cruciale economische belangen, zoals de inkomsten uit gas. De realiteit is dat de Russische heersende elite, nadat het Krim in de Russische federatie opnam, beseft dat de financiële, sociale en politieke prijs voor het opnemen van andere regio’s te groot zou zijn. Om de productiviteit van de mijnen in Donbas op te trekken, de productiviteit zou er tien keer lager zijn dan in Rusland, zouden zware investeringen en mogelijk ook sluitingen nodig zijn. Dat omvat het risico op een brede sociale explosie door een arbeidersklasse die een traditie van strijd kent. Het Kremlin zou Donetsk en Lugansk liever aan Oekraïne overlaten, mogelijk als niet erkende republieken waarbij ze ook als chantagemiddel tegen de regering van Kiev kunnen gebruikt worden.

De aansluiting van Krim bij Rusland zal naar verwachting meer kosten dan de Olympische Winterspelen in Sotsji. Rusland moet niet langer aan Oekraïne betalen voor het gebruik van de marinebasis in Savastopol aan de Zwarte Zee. Maar het moet wel betalen voor de pensioenen en lonen van het overheidspersoneel en er zijn enorme infrastructuurproblemen. Elektriciteit en water komen momenteel vanuit Oekraïne. Er is geen toegang tot Krim over de weg, tenzij over grondgebied van Oekraïne. Er wordt een plan opgemaakt om Krim met Rusland te verbinden via een brug. Maar de kost hiervan is enorm. Er zijn onderhandelingen met de Chinezen om het project uit te voeren. De economie van Krim kan niet op deze brug wachten. Door een gebrek aan water dreigt de oogst te mislukken. De toeristische industrie is in elkaar gestort door een gebrek aan toeristen. Bovendien is er onder de Tataarse bevolking een groeiende bezorgdheid over de nieuwe ‘politiestaat’ die met de Russische annexatie gevestigd is. Duizenden mensen zijn het land ontvlucht met klachten over vervolging en geweld.

De spanningen zijn nu vooral groot in de regio Donetsk en in mindere mate in de regio Lugansk. Gewapende groepen met verschillende loyaliteiten strijden om de controle van regeringsgebouwen, luchthavens en andere strategische sites. De Oekraïense regering zet militaire helikopters in en pantservoertuigen tegen de steden waar de rebellen onder meer over luchtafweergeschut beschikken. De bevolking kijkt verschrikt toe. De stad Slavyansk wordt belegerd door de Oekraïense Nationale Garde waarbij regelmatig granaten op de binnenstad afgevuurd worden. De inwoners die niet konden vluchten, houden zich schuil in kelders.

“Volksrepubliek Donetsk”

De zelfverklaarde “Volksrepubliek Donetsk” (VRD) wordt geleid door een combinatie van pro-Russisch extreemrechts, anti-Semieten, ex-militairen en voormalige oproerpolitie. De VRD beschikt over gewapende troepen onder bevel van ‘opperbevelhebber’ Igor Girkin, de “schutter” en zelfverklaarde voormalige agent van de Russische geheime diensten. De militie heeft naar verluidt deelgenomen aan plunderingen, het lastig vallen van de bevolking en onder het mom van een ‘anti-drugscampagne’ waren er ook pogroms tegen de Roma gemeenschap.

Eind mei vielen gewapende militanten van “Vostok bataljon” het hoofdkwartier van de VRD aan waarbij een aantal strijders werd opgepakt op verdenking van plundering en geweld. Het lijkt er op dat Vostok tussenkwam om een meer gedisciplineerd regime te vestigen die ook onder meer directe Russische controle staat. Vostok komt voort uit paramilitaire krachten die destijds door pro-Russische huurlingen in de oorlog in Tsjetsjenië werden opgezet en nadien in het Russische leger werden geïntegreerd en onder meer ingezet werden in Zuid-Ossetië. Als antwoord op deze ontwikkelingen heeft de regering van Kiev een eigen ‘Donbas’-bataljon opgezet met Oekraïens en Russisch sprekende inwoners van het oosten van Oekraïne die deel uitmaken van de Nationale Garde.

Terwijl president Porosjenko de pro-Europese oligarchen vertegenwoordigt en de gewapende troepen van het land tegen het oosten inzet, zijn er andere oligarchen die hun belangen in het oosten verdedigen. Onder hen bevindt zich Rinat Akmetov, de voormalige eigenaar van grote delen van de steenkool en staalindustrie in het land. Hij speelde een centrale rol in het aan de macht brengen van Janoekovitsj, maar keerde hem nadien de rug toe na de aanval op de Maidanbetogers door de oproerpolitie. Volgens de zelfverklaarde ‘gouverneur’ van de VRD, Pavel Gubarev, financierde hij de pro-Russische separatisten maar keerde hij zich ook tegen hen in de loop van de maand mei. Ofwel beseft hij dat de chaos en dreiging van openlijke oorlog zijn eigen zakenbelangen parten kunnen spelen ofwel volgt hij de belangen van het Kremlin dat de opstandige regio’s onder meer directe controle wil krijgen. Alleszins heeft Akmetov het personeel van zijn fabriek in Maryupol bevel gegeven om onder leiding van de hoofdingenieur van de vestiging te patrouilleren in de stad en daarbij barricades af te breken en de ‘orde’ te herstellen.

Terwijl de grootmachten strijden om Oekraïne, maneuvreren de oligarchen om hun zakelijke belangen te verdedigen en blijven de krijgsheren strijden om de belangen van hun broodheren te dienen. De werkende bevolking in Oekraïne is erg bang dat een volledige oorlog zal uitbreken.

In het oosten van Oekraïne ontstond er een brede steun voor een federale oplossing, aanvankelijk als antwoord op de voorgestelde aanvallen van de post-Janoekovitsj regering om de Russische taalrechten aan banden te leggen en als antwoord op het geweld van de extreemrechtse Rechtse Sector. De vrees werd versterkt door het optreden van de nieuwe Nationale Garde die op brutale wijze poogt om de controle over de regio te heroveren. Voor velen betekent een federatie dat de banden met het verenigde Oekraïne worden behouden, terwijl tegelijk de bevolking in het oosten en zuiden wordt beschermd tegen de centrale regering. Anderen, zeker de pro-Russische activisten, zien federalisme als een breuk met Oekraïne om bij Rusland te kunnen aansluiten.

Diegenen die aan de ‘referenda’ in Donetsk en Lugansk van 11 mei deelnamen, waren vooral ouderen die de illusie hebben dat het vervoegen van Rusland zou leiden tot een verbetering van de levensstandaard. Ze zien in het regime van Poetin in zekere zin een verderzetting van de vroegere Sovjetunie. Veel jongeren zien zich als deel van Oekraïne , net zoals heel wat mijnwerkers die beseffen dat het lot van de mijnen in Donetsk onder Russisch bewind niet positief zou zijn.

Protest

De georganiseerde arbeidersklasse, en zeker de mijnwerkers, heeft zich in de crisis nog niet gemanifesteerd als een georganiseerde en onafhankelijke kracht. Maar er waren wel opvallende protestacties. Naast de mijnwerkersstakingen in de regio Lugansk, stakingen rond looneisen, waren er ook sporadische protestacties tegen het optreden van de Nationale Garde maar soms ook tegen het optreden van de separatisten. In de regio Lvov, in het westen van Oekraïne, waren er ook mijnwerkersstakingen rond looneisen. Toen transportpersoneel in Krim staakte omdat de lonen niet werden betaald, doken onbekende mannen in legeruniformen op om het personeel terug aan het werk te brengen. Begin juni staakten duizend personeelsleden van de vestiging van Titan in Krim uit protest tegen de lage lonen. De omrekening van de lonen in Roebels hield in dat ze amper 3.600 Roebel (75 euro) per maand zouden krijgen.

Er waren ook protestacties van familieleden van agenten in de Nationale Garde en de politie uit het westen van Oekraïne. Het ging om protest tegen het feit dat deze agenten naar het zuiden en oosten werden gestuurd. In Berdansk was er een blokkade van de kazerne waar agenten die naar Lugansk zouden gestuurd worden verzamelden. De bus kon niet vertrekken tot al wie de bus wou verlaten en ontslag nemen uit de politie dat ook kon doen.

Er is duidelijk een basis voor gezamenlijke strijd van werkenden in Oekraïne als protest tegen de dreiging van een openlijke oorlog, maar ook rond lonen en arbeidsvoorwaarden. De economie zal dit jaar naar schatting met 5% krimpen. De georganiseerde arbeidersklasse heeft de verantwoordelijkheid om te vermijden dat het land dieper in het militaire conflict wegzakt. Het volstaat niet om de regering van Kiev te vragen om de anti-terreuroperaties te stoppen, de separatisten om een vredesakkoord te sluiten of de buitenlandse machten om niet tussen te komen. Dat heeft evenveel kans op succes als de vraag aan een tijger om vegetariër te worden. Zelfs indien uiteindelijk een soort van ‘akkoord’ wordt gesloten tussen Kiev en Moskou, zal dit de onderliggende crisis niet oplossen. Het zou een akkoord zijn tussen verschillende bendes van oligarchen en andere dieven.

Voor gezamenlijke arbeidersstrijd

Enkel gezamenlijke arbeidersstrijd tegen het reactionaire nationalisme en de krijgsheren, tegen aanvallen op de levensstandaard en om nationale minderheden te beschermen en de strijd aan te gaan voor volledige democratische rechten voor de werkende bevolking, kan een einde maken aan het militaire geweld.

De werkende bevolking in alle delen van Oekraïne heeft het recht om zich te verdedigen tegen fysieke aanvallen door extreemrechts en ultra-nationalisten, van welke kant ze ook zijn, en tegen het geweld door de staat. Werkenden en jongeren in het oosten en zuiden worden geconfronteerd met de dodelijke dreiging van door Kiev gesteunde milities waarin ook fascistische elementen zitten. Er is nood aan onafhankelijke verdedigingscomités over de gemeenschappen heen, comités die democratisch gecontroleerd en gecoördineerd worden. Hiermee kunnen de extreemrechtse dreiging en de aanvallen van de overheidstroepen afgewend worden. Door deze oproep te verbinden aan de noodzaak van klassenstrijd tegen de oligarchen en buitenlandse kapitalistische machten, is het mogelijk om een krachtig alternatief vanuit de arbeidersklasse op te bouwen.

Dit zou de basis leggen voor de vestiging van een massale arbeiderspartij die de strijd kan leiden om die regeringen neer te halen die met handen en voeten gebonden zijn aan het kapitalisme en die cynisch gebruik maken van nationalisme en militair conflict om de eigen macht en rijkdom te verdedigen. Een nieuwe massale arbeiderspartij zou ervoor strijden om hen te vervangen door een regering die de belangen van de werkende bevolking verdedigt en die de rijkdom en natuurlijke grondstoffen van het land onder collectief bezit plaatst met democratische controle en beheer als onderdeel van een geplande economie waarbij het rotte kapitalisme wordt vervangen door een nieuwe socialistische samenleving. Enkel onder die voorwaarden kunnen democratische rechten volledig en blijvend afgedwongen worden en kan de bevolking van Oekraïne over de eigen toekomst beslissen, met het recht op regionale autonomie als onderdeel van een socialistisch Oekraïne en een bredere socialistische federatie die op vrijwillige basis en op voet van gelijkheid wordt gevestigd.