Text Size

Belgisch politicus verzint Canadese schuldafbouw; hier de echte cijfers

Deze ochtend was Bart De Wever te gast bij Marianne Timmerman op Radio 1. Aanleiding was een verhaal dat vandaag in de Gazet Van Antwerpen verschijnt over het computernetwerk van de stad Antwerpen. Van de gelegenheid werd gebruik gemaakt om De Wever zijn licht te laten schijnen over de aankomende begrotingsherziening. De federale regering moet daarin 1,9 miljard extra vinden en de regionale regeringen 1 miljard. Om zijn argumenten kracht bij te zetten, verzon De Wever halve waarheden en hele leugens.

Eric Byl (LSP)

Voor De Wever zijn structurele hervormingen noodzakelijk, snoeien en bloeien noemt hij dat. Bijvoorbeeld de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd en het afschaffen van de wachtuitkering. Eerder al had hij gewaagd over het afschaffen van alle brugpensioenen, maar dat was er deze keer niet bij, wel het herzien van de indexkoppeling van onze lonen. Om zijn betoog kracht bij te zetten hanteerde De Wever ook een aantal cijfers. Zo beweerde hij dat in Nederland 90% van de begrotingsinspanning gerealiseerd wordt via bezuinigingen en slechts 10% via nieuwe inkomsten. In België zou dat volgens De Wever andersom zijn: 20% via bezuinigingen 80% via nieuwe inkomsten. Op de opmerking van Marianne dat de Nederlandse economie forser krimpt dan de Belgische kon De Wever slechts antwoorden dat een beleid van snoeien en bloeien tijd vergt.

Het gemak van dit cijfergevecht is dat niemand er echt de vinger kan op leggen. Langer werken voor ons pensioen, valt dat onder bezuinigingen omdat uiteindelijk minder pensioen wordt uitbetaald of onder extra lasten omdat we langer bijdagen betalen? Als we de N-VA en De Wever moeten geloven valt zelfs fiscale fraude onder “belastingsverhoging”, het schrappen van fraudebestrijders onder “bezuinigingen”. Maar De Wever haalde ook een cijfer aan dat we wel feilloos kunnen nagaan. Zo beweerde hij dat Canada er dankzij een beleid van snoeien en bloeien in geslaagd was haar overheidsschuld af te bouwen van 130% naar zo een 30% vandaag.

Volgens de cijfers van de World Economic Outlook van 2011 van het IMF (http://www.indexmundi.com/canada/public_debt.html), die toch terug gaan tot 1980, bereikte de overheidsschuld in Canada in die periode echter nooit 130%. Haar hoogste peil bereikte ze in 1996 met 101,7% van het BBP. Daarna zakte de overheidsschuld naar haar laagste peil in 2007 en dat bedroeg niet 30% zoals De Wever zich meent te herinneren, maar 66,5%. Eind vorig jaar bedroeg de totale schuld van Canada, toch een land dat in tegenstelling tot België rijk is aan grondstoffen en vlotte toegang heeft tot de markt in de VS, opnieuw 83,9% van het BBP.

Met die prestatie deed de Canadese overheid niet beter dan de Belgische. Die snoeide tussen 1993 en 2007 haar overheidsschuld terug met maar liefst 49% (van 133% naar 84%) tegen 35% voor de Canadese regering tussen ’96 en 2007. Sinds het begin van de crisis in 2007 groeide de overheidsschuld in België, dat enkele zware reddingsoperaties voor banken op het getouw zette met 16%, die van Canada met 17%. Als De Wever slechts één becijferd voorbeeld geeft over het beleid dat hij zou voeren en dat zit er kilometers naast, wat zegt dat dan over het voorgestelde beleid?