|
Gerommel in de Nederlandse politiek |
|
|
|
|
zondag 21 februari 2010 |
|
Bij de landelijke verkiezingen van 2011 zal de PvdA wegzakken als partij. Zelfs de laatste groep oudere arbeiders laat de PvdA dan in de steek vanwege de AOW-politiek. De groei van de PVV is voorlopig de grootste drijvende kracht in de Nederlandse politiek. De andere partijen zijn in feite allemaal verwikkeld in een race met de PVV.
Door Pieter Brans, Offensief Amsterdam
De PVV zelf heeft een uitgekiende verkiezingsstrategie voor 2011. Niet meedoen aan de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2010, zodat de aanhangers van Wilders zullen zeggen: we wonnen toch bij de Europese verkiezingen en nu worden we weer niet gehoord. De frustraties daarover zijn de voedingsbodem voor de verkiezingscampagne van de PVV voor 2011. Dit zal ze zeker een groot aantal zetels opleveren. De acties van de PVV tegen de AOW-leeftijd geven aan dat zij het potentieel hebben om een deel van het verzet te kapen dat er in de komende periode tegen het regeringsbeleid gaat ontstaan.
Het CDA heeft in de race met de PVV de volgende positie: “wij zijn het enige alternatief voor de PVV, wij zijn als enige groot genoeg om het tij te keren”. En voor een deel van de kiezers zal dit argument zeker gelden, naast de traditionele aanhang die het CDA toch al heeft.
D’66 zegt: “wij zijn het redelijke alternatief voor de PVV.” Zij zijn behoudend en klampen zich vast aan het verleden: “wij staan voor een stralende toekomst van individualisme en nuance.” Pechtold houdt zich in de Tweede Kamer redelijk staande tegenover Wilders. D’66 zal een groter aandeel van de kiezers achter zich krijgen. Niet zo heel moeilijk, want D’66 is bij de vorige verkiezingen ver weg gezakt.
De AOW-kwestie betekent een breuk tussen de vakbeweging en de PvdA. In de jaren negentig hield de PvdA op een arbeiderspartij te zijn: het uitjoelen van Henk van der Kolk van FNV-Bondgenoten bevestigt dat. De PvdA is er trots op recht tegen de belangen van vakbondsleden in te gaan! Bij de verkiezingen zal de PvdA hiervoor een forse politieke rekening moeten incasseren. De partij heeft de banden met de rode familie doorgesneden maar er niets voor in de plaats gesteld…
Om de race met de PVV niet te verliezen moet de SP de aansluiting zoeken op het protest tegen het neoliberale bezuinigingsbeleid van het kabinet. Binnen de SP is er een sterke druk naar rechts, die komt van de gemeentelijke coalities waar de SP aan deelneemt (een hele club van wethouders en gemeenteraadsleden). In een aantal gevallen is al gebleken dat lokale bestuurders een weg zoeken aan de rechterkant van de partijpolitiek, bijvoorbeeld door stelling te nemen voor de verkoop van de aandelen in de elektriciteitsbedrijven. De druk om naar rechts te gaan, de druk voor deelname aan een regeringscoalitie met de burgerlijke partijen (CDA en of PvdA) is groot, de partijleiding (zie het interview met Agnes Kant in de “Volkskrant” van 2 november) denkt aan weinig anders. De druk van activisten om naar links te bewegen is op dit moment minimaal.
Als in de komende periode het protest groeit, om te beginnen met het verzet tegen de AOW-maatregel, dan moet de SP daarbij aansluiten en dat zal van invloed zijn op de koers van de partij. Maar het is nog lang niet zover dat arbeiders in verzet zich actief met de SP gaan bemoeien, daarvoor is het klassenbewustzijn nog veel te laag.
Het wordt steeds duidelijker dat niet de regering de banken heeft overgenomen, maar de banken de regering. Ze hebben de overheid financieel verantwoordelijk gemaakt voor hun enorme verliezen. De overheid moet als een deurwaarder bij de gewone mensen langs om het geld op te eisen dat ze aan de redding van de banken en het stimuleren van de economie hebben uitgegeven. De AOW was nog maar een eerste begin, waarschuwen kabinet en CDA! Volgend jaar zomer moet het kabinet besluiten nemen over 35 of 40 miljard euro aan bezuinigingen en de pijn daarvan zal aan elke keukentafel in Nederland te voelen zijn.
De PVV heeft hiervoor een simpele oplossing: immigranten weg. Die kosten alleen maar geld. En verder bezuinigen op ‘linkse hobby’s’ zoals ontwikkelingssamenwerking. Dat gevoel zal zeker een echo krijgen en kiezers opleveren die liever deze bocht maken dan dat ze zelf worden aangeslagen. Het gebrek aan verzet vanuit de vakbeweging speelt dit gevoel in de kaart. Als niemand voor de belangen van de gewone man of vrouw opkomt, dan moet het probleem maar over de ruggen van de ‘buitenlanders’ worden opgelost.
De media zijn al redelijk geslaagd in hun poging om het vakbondsverzet tegen de verhoging van de AOW-leeftijd te splitsen. Dankzij een minder handige opmerking van Jongerius in een interview met de Volkskrant (“ik moet ze nog eens bellen”) hebben ze de indruk weten te wekken van samenwerking van FNV met de PVV. Zo hebben ze verdeeldheid weten te zaaien tussen vakbondsleden die dat voor een keertje best een goed idee vinden en de vakbondsleden die daar fel tegen zijn.
Het is een voorbode van de verdeeldheid die ze voor de toekomst willen zaaien onder arbeiders. Dat maakt het des te gemakkelijker om de bezuinigingen erdoor te drukken. Met het opkloppen van het verzet in de PvdA tegen de verhoging van de AOW-leeftijd en het latere nieuws dat de partijraad van de PvdA in grote meerderheid voor was, wekken ze de indruk dat verzet zinloos is.
Onze conclusie: de angst voor verzet is groot. De media proberen het al te verdelen en demoraliseren voordat het begonnen is. Hier liggen enorme kansen voor de vakbeweging en de SP, maar dan is wel een strijdbaar programma nodig en niet meer van hetzelfde of iets dat een beetje anders is dan de burgerlijke partijen. Strijd tegen werkloosheid, verslechteringen en bezuinigingen is het begin. Samenwerking tussen bonden en SP bij het verzet op basis van een socialistisch programma kan leiden tot een nederlaag voor de PVV en een verkiezingsoverwinning voor de SP bij de landelijke verkiezingen in mei 2011 of zoveel eerder als ze gehouden worden!
|