|
Op 6 december 2009 behaalden president Evo Morales en zijn MAS
(Moviemento al Socialismo) een verpletterende overwinning in de
presidents- en senaatsverkiezingen. Met 63,46% van de stemmen, 85 van
de 130 zetels in het parlement en een ruime 2/3 meerderheid in de
senaat, maakte Morales een enorme sprong voorwaarts in vergelijking met
de verkiezingen van eind 2005. Wat is de verklaring voor zijn enorme
populariteit? En wat valt er de komende periode van hem te verwachten?
Artikel door Hannes vanuit Bolivia
Bolivia: rijk en toch zeer arm
Op zich is Bolivia een enorm rijk land. Vruchtbare landbouwgrond, vele
kostbare ertsen, olie en vooral de grootste gasreserve ter wereld. Toch
is het na 25 jaar van neoliberaal beleid nog steeds het armste land van
Zuid-Amerika. Naar schatting 58 à 70% van de bevolking leeft in armoede
(2 dollar/dag). Ongeveer de helft hiervan zou in extreme armoede leven
(1 dollar/dag). Dit wil zeggen dat 70% gebrekkige huisvesting heeft,
58% onvoldoende toegang tot stromend water, 44% gebrekkige
elektriciteit. Ruim de helft van de bevolking heeft nauwelijks degelijk
onderwijs genoten en 38% moet het zonder fatsoenlijke gezondheidszorg
stellen. De ongelijkheid tussen rijk en arm is enorm. Volgens Xavier
Nogales, de minister van economische ontwikkeling, zou een rijke 90
keer meer verdienen dan een arme persoon. De ongelijkheid uit zich het
sterkst in de landbouw waarbij een elite van grootgrondbezitters
bestaande uit een 100 tal families 28 miljoen hectare van de
landbouwgrond in handen heeft (87%) terwijl de totale boerenbevolking,
45% van de beroepsbevolking, het met 4 miljoen hectare (13%) moet doen.
De voorwaarden waartegen de boeren voor de grootgrondbezitters moeten
werken kan je semifeodaal noemen. Ten slotte gaat een enorm deel van de
opbrengsten uit de natuurlijke grondstoffen naar buitenlandse
multinationals.
Het is in deze context dat Evo Morales in december 2005 aan de
macht kwam. Hij beloofde een volledige breuk met het verleden. De
nationalisatie van de gassector en op termijn de rest van de energie-
en mijnsector zouden de opbrengsten aan de hand van allerlei sociale
projecten naar het Boliviaanse volk doen vloeien in plaats van naar het
buitenland. Verder beloofde hij een herverdeling van de landbouwgronden
onder de totale boerenbevolking en het toekennen van meer rechten voor
de indiaanse bevolking. Dit laatste is een belangrijk element aangezien
de meerderheid van de bevolking in Bolivia van indiaanse origine is en
in het verleden meermaals af te rekenen kreeg met discriminatie en
racisme. De vraag die zich nu natuurlijk stelt is wat er, na vier jaar
beleid, van deze beloofde veranderingen terecht is gekomen.
Verwezenlijkingen
Morales ging al vrij snel na zijn aanstelling over tot het
nationaliseren van de energiesector. Hierbij moeten we wel opmerken dat
het gaat om jointventures waarvan 20% nog in handen blijft van
multinationals en de overige 80% in handen komt van staatsbedrijven.
Dit is dus nog steeds ver verwijderd van een volledige nationalisatie
onder arbeiderscontrole. Toch legde deze nationalisatie Bolivia geen
windeieren. De staatsinkomsten uit de energiesector vertienvoudigden
van 200 miljoen dollar in 2006 naar maar liefst 2 miljard dollar in
2008.
Deze inkomsten gaven Morales de ruimte om zijn befaamde Bonos
(sociale projecten) in het leven te roepen. Deze Bonos bestaat uit 4
delen. Juancito pinto is een financiële tegemoetkoming van 200
Bolivianos voor elk kind tussen 5 en 13 jaar dat één jaar naar school
is geweest. De Renta Dignidad voorziet de Bolivianen boven de 60 van
een maandelijkse tegemoetkoming van 200 Bolivianos. De Juana Azurduy is
voor vrouwen tussen de 15 en de 35 jaar. Ze krijgen 50 Bolivianos per
maand om naar de gynaecoloog te gaan en bij de geboorte van een kind
zijn de ziekenhuiskosten gratis. Ten slotte is er de subsidio. Dit is
een tegemoetkoming van levensgoederen ter waarde van 550 boliviansos
per maand. De subsidio wordt wel enkel toegekend aan mensen die voor de
staat werken. De Bonos zijn zeker welkom voor de arme bevolking, maar
er moeten wel wat kanttekeningen bij gemaakt worden. Het systeem staat
nog niet op punt waardoor een deel van de Bonos in verkeerde handen
vallen of niet toegekend worden. Verder heb je niet veel aan gratis
ziekenhuiskosten als de kwaliteit van de ziekenhuizen te wensen over
laat. Het belangrijkste punt is echter dat, hoe welkom ook, de Bonos
geen fundamentele verandering hebben teweeggebracht in de situatie van
de armen. Ten slotte vloeien nog steeds grote opbrengsten van de
natuurlijke grondstoffen uit bijvoorbeeld de mijnsector naar het
buitenland en er lijkt hier in de nabije toekomst niet veel verandering
in te komen.
De herverdeling van de gronden is tot nu toe nauwelijks in de
praktijk gebracht. Het enige wat Morales heeft gedaan, is het verdelen
van 500.000 hectare grond van de grootgrondbezitters onder de arme
boerenbevolking. Dit lijkt een belangrijke stap maar eigenlijk gaat het
om grond die de grootgrondbezitters niet gebruikten en dus economisch
niet zo interessant is. Het is duidelijk dat Morales het naar
buitenlandse multinationals toe wel relatief hard durft spelen, maar
dat hij voorlopig niet aan durft of wil om de binnenlandse burgerij
voor het hoofd te stoten.
De nieuwe grondwet met meer rechten voor de indiaanse bevolking
wordt nog gezien als de grootste verwezenlijking van Morales. Het kan
een basis vormen om de decennia lange discriminatie en racisme
tegenover de indiaanse bevolking tegen te gaan. Het klopt dat een
nieuwe grondwet deze praktijken niet opeens doet verdwijnen, maar er is
nu tenminste een wet die deze discriminatie en racisme veroordeelt en
bestrijdt. De grondwet gaat niet alleen in tegen discriminatie op vlak
van ras maar evengoed op vlak van geslacht en seksuele voorkeur. In
Bolivia heerst er tot op vandaag een enorme machocultuur die nefast is
voor de maatschappelijke positie van vrouwen en holibi’s. De nieuwe
grondwet geeft hen echter een kader om op te komen voor wettelijke
rechten. Dit uit zich al in het feit dat 28 procent van het Boliviaanse
parlement sinds kort bezet is door vrouwen. Dit lijkt op zich misschien
niet zo een indrukwekkend cijfer, maar het is wel een verdubbeling
tegenover het oude parlement en dergelijk cijfer kwam nog niet voor in
de geschiedenis van het land. Ondertussen werd ook Ana Maria Romero
verkozen als eerste vrouwelijke voorzitter van de senaat. De 46 nieuwe
vrouwelijke parlementariërs zouden zich nu inzetten om de helft van de
posten bij de uitvoerende, wetgevende en rechterlijke macht naar
vrouwen te doen gaan.
Redenen voor populariteit Morales
De enorme overwinning van Morales bij de afgelopen verkiezingen
toont de steun en de nood aan zijn hervormingen aan. Maar het wijst
vooral op de enorme nood aan fundamentele verandering voorde arbeiders
en boeren. Er zijn nog enkele verklaringen. Dankzij de stijgende
grondstofprijzen en het aanpakken van de corruptie van het vorige
regime kan Morales ondanks de crisis de afgelopen twee jaar hoge
economische groeicijfers voorleggen. Met 2,8% in 2008 en 3,2% in 2009
doet Bolivia het veel beter dan de buurlanden. In 2010 zou er zelfs een
groei van 4,5% verwacht worden al is deze prognose heel onzeker. Ook de
inflatie bleef met 0,23´% het laagste van het continent en steekt sterk
af tegen de 29% waarmee bondgenoot Venezuela moet afrekenen.
Een ander element is dat een deel van de westerse middenklasse
die traditioneel op rechts stemden, de kant van Morales hebben gekozen.
Zij werden er tijdens Morales’ regeerperiode niet minder welvarend op.
De belangrijkste reden is echter dat ze beginnen te beseffen dat
Morales op dit moment de enige persoon is die de arbeidersklasse en dus
het land rustig weet te houden. Een stem voor Morales betekent een stem
voor stabiliteit in het land. Dit wordt vooral duidelijk als je aan de
Bolivianen vraagt wat er zou gebeurd zijn indien Morales niet verkozen
zou zijn geweest. Vaak krijg je “problemen, burgeroorlog en revolutie”
als antwoord. Hetzelfde antwoord krijg je als je vraagt wat er zou
gebeuren als Morales na zijn overwinning zijn hervormingen niet zal
versnellen.
Nood aan breuk met het kapitalisme, anders gevaar voor contrarevolutie
Morales heeft ondanks nuttige hervormingen nog lang niet met het
kapitalisme gebroken. Toch doet de burgerij er alles aan om Morales
stokken in de wielen te steken. Ze weten wel dat Morales op zich geen
grote bedreiging voor hen vormt, maar ze hebben vooral schrik van hoe
de arbeidersklasse zal reageren op zijn woorden van verandering en de
weg naar Socialisme. Morales zal het de komende periode dan ook veel
moeilijker krijgen om het volk kalm te houden zonder ernstige stappen
in de richting van socialisme te ondernemen. Op dit moment is het nog
opvallend rustig in Bolivia. Dit is opvallend omdat het land een rijke
geschiedenis heeft aan betogingen en stakingsacties. Deze zullen echter
snel massaal ten tonele verschijnen als Morales zijn hervormingen niet
zwaar opvoert en op termijn echt breekt met het kapitalisme.
De komende golven van klassenstrijd in Bolivia zullen van
fundamenteel belang zijn voor de arbeidersklasse in Latijns-Amerika en
met uitbreiding die van heel de wereld. Het gevaar voor een
contrarevolutie is reëel en zou net zoals in Chili onder Allende (1973)
een enorme nederlaag voor de arbeiders betekenen. Een ander gevaar is
een proces zoals in Venezuela vandaag. De slechte economische
omstandigheden, de bureaucratisering en enkele misstappen van Chavez
versterken daar de frustraties en desillusies onder de arbeidersklasse
met de dag. Dit geeft rechts terug de kans om weer eens sterke
oppositierol op te bouwen en brengt de vooruitgang die de
arbeidersklasse maakte in gevaar.
Er is nood aan een revolutionaire partij die aan kop kan staan
van de toekomstige bewegingen en die hen tot zijn juiste conclusies zal
leiden, namelijk het ontstaan van een socialistisch Bolivia. Een
samenleving waarbij het volk inspraak zal hebben hoe ze georganiseerd
wordt. Waar de economie democratisch gepland is en te dienste staat van
heel de bevolking en niet de winsten van enkelen. Waar de opbrengsten
van natuurlijke rijkdommen volledig ten goede van de bevolking komt.
Een samenleving met een degelijke levensstandaard, onderwijs,
gezondheidszorg,… voor iedereen. De bewegingen hier naartoe zouden een
enorm katalyserend effect hebben op de bewegingen in de rest van
Latijns-Amerika. Met het CWI/CIT bouwen we op dit moment aan
verschillende nationale afdelingen in Latijns-Amerika en de rest van de
wereld (Alternativa Socialista Revolucionaria in Bolivia) om
revolutionaire krachten uit te bouwen die in de toekomst een
belangrijke rol in dit proces kunnen spelen.
|