|
We publiceren een artikel dat eerst verscheen op de website van onze
Duitse zusterpartij SAV. Sinds de publicatie ervan stelde de Turkse
regering voor om het conflict “op te lossen”. Eerst haalde premier
Erdogan (AKP) fors uit tegen de stakende arbeiders. Hij stelde dat er
geen geld zou worden uitgegeven aan arbeiders die niets produceerden.
Na het dreigement van de grootste vakbondsfederatie van het land,
Turk-Is, om een algemene staking te organiseren, veranderde Erdogan het
geweer van schouder en gaf hij de minister van financiën en werk
opdracht om een oplossing te vinden voor het conflict.
Artikel door Nihat Boyraz, geschreven op 28 januari
12.000 arbeiders worden bedreigd om lager betaalde en tijdelijke
jobs te moeten aanvaarden als gevolg van de beslissing van de regerende
AKP om staatsbedrijven te privatiseren. TEKEL was voorheen een publiek
tabaksbedrijf, maar werd verkocht aan BAT (British American Tobacco).
De arbeiders van TEKEL zijn al enige tijd aan het staken.
Europarlementslid Joe Higgins betuigde zijn steun aan de stakende
arbeiders (zie dit artikel).
De arbeiders van TEKEL zetten hun strijd verder en eisen dat de
vakbondsleiding overgaat tot het organiseren van een algemene staking.
Na een bijeenkomst van zes vakbondsfederaties, werd aangekondigd dat er
een algemene staking zou komen op 3 februari indien een gepland overleg
met premier Erdogan op 28 januari niets opleverde.
De arbeiders van TEKEL voeren al meer dan 43 dagen actie.
Daarmee protesteren ze tegen de gevolgen van de privatisering. Deze
strijd is stilaan van historisch belang voor de Turkse
arbeidersbeweging. De arbeiders nemen een vastberaden houding in, niet
alleen tegenover de conservatieve regering maar ook tegenover de eigen
vakbondsleiding.
De regering wil de veertig ophaalpunten voor tabaksbladeren en
rauwe tabak sluiten. Het gaat om de ophaalpunten die nog in publieke
handen zijn. De regering wil de arbeiders van de ophaalpunten
overplaatsen naar andere sectoren. Hierdoor worden de 12.000 arbeiders
bedreigd met de zogenaamde 4/C-status: fors inleveren op de lonen, het
verlies van het recht op collectieve onderhandelingen, onzekere
contracten van bepaalde duur,… De arbeiders worden gevraagd om te
“kiezen” tussen deze voorwaarden en de werkloosheid. Maar ze kozen voor
een derde optie: om te strijden tot hun eisen worden ingewilligd.
Een dergelijke vastberaden houding kwam de afgelopen twintig
jaar niet meer voor in de Turkse arbeidersbeweging. Op 15 december
kwamen arbeiders uit meer dan honderd provincies uit het hele land naar
Ankara om aan te kloppen bij het hoofdkwartier van de heersende AKP. De
arbeiders hadden hoop gevestigd in de partij, velen stemden al jaren
voor de AKP en dachten dat er naar hun standpunt zou worden geluisterd.
Het duurde niet lang om te beseffen dat de partij niet zou luisteren.
Het is een illusie te denken dat de AKP de belangen voor de arbeiders
en gewone mensen zou verdedigen. De arbeiders werden verwelkomd door
politiematrakken, traangas en het waterkanon. Premier Erdogan toonde
zijn ware gelaat toen hij de arbeiders verweet dat ze lui waren en niet
wilden werken. Dat heeft de vastberadenheid van de arbeiders om de
strijd aan te gaan enkel versterkt. Ze kondigden aan dat ze in Ankara
zouden blijven om de strijd verder te zetten.
Algemene staking en de rol van de vakbondsleiding
De arbeiders eisten een algemene staking. De vakbondsleiding van de
federatie TURK-IS en de meer conservatieve vakbond TEK GIDA IS, de
bonden waarin de meeste TEKEL-arbeiders zijn georganiseerd, probeerden
om met de regering te onderhandelen om een verdere radicalisering van
de strijd te voorkomen. De verzoenende opstelling van de
vakbondsleiding en het gebrek aan consistente steun, leidde tot heel
wat wantrouwen onder de arbeiders. Ze maakten meteen duidelijk dat er
niet zou ingestemd worden met een flauw compromis.
De woede van de stakende arbeiders tegenover de vakbondsleiding
bereikte een hoogtepunt op 17 januari op een betoging van zowat 100.000
mensen in Ankara. TURK-IS voorzitter Mustafa Kumlu had het in zijn
toespraak niet over de staking van de TEKEL-arbeiders en ook niet over
een algemene staking, hierop probeerde een groep TEKEL-arbeiders om het
podium te bezetten en eisten ze dat Kumlu zich zou uitspreken voor een
algemene staking. Tegelijk begonnen de betogers slogans te roepen als
“algemene staking”. Pas een half uur later, na de belofte van de
voorzitter van HARB-IS dat er een algemene staking zou komen, werd de
actie op de betoging stopgezet. Na enorme druk van onderuit besloten
zes vakbondsfederaties (TURK-IS, HAK-IS, DISK, MEMUR-SEN, KAMU-SEN,
KESK) op 26 januari om tot een algemene staking over te gaan op 3
februari indien een onderhoud met Erdogan geen resultaat opleverde.
Solidariteit
De Koerdische en Turkse arbeiders van TEKEL hebben dagenlang hun
tenten opgeslagen in Ankara waar het bijzonder koud was met sneeuw en
regen. Ze kregen enorm veel respect en steun van de gewone bevolking in
heel het land. Andere arbeiders, zoals de brandweermannen uit Istanboel
of het spoorpersoneel, betuigden hun solidariteit doorheen verklaringen
maar ook met concrete acties waarbij stakingsacties werden
aangekondigd. Scholieren, studenten, leraars en sociale organisaties
toonden ook hun solidariteit. Aanvankelijk probeerden de
oppositiepartijen zoals het nationalistische MHP en de Kemalistische
CHP om de strijd te gebruiken tegen de AKP. Maar naarmate de strijd
radicaliseerde, verdwenen die partijen.
Het belang van de strijd bij TEKEL
De arbeiders van TEKEL hebben nog niet gewonnen, maar ze hebben wel
al voor verandering gezorgd. De Turkse kapitalisten zijn opnieuw bang
van de arbeidersklasse. In de komende maanden zullen er ongetwijfeld
nog strijdbewegingen zijn tegen privatiseringen, ontslagen, armoede en ellende. Deze strijd zal meer vastberaden en radicaler zijn als voor
deze stakingsactie. Het zal niet langer een strijd zijn tegen de
gevolgen van de privatiseringen, maar tegen de privatiseringen op zich.
Deze staking heeft het ware gelaat van de regering getoond aan
bredere lagen. Dit doet de steun voor de AKP geen goed. De arbeiders
hebben ook aangetoond hoe ze een enorme steun kunnen opbouwen zonder
veel steun van de vakbondsleiding. Die steun heeft de leiding onder
druk gezet. De discussies van de afgelopen veertig dagen heeft ook
duidelijkheid gebracht over het bewustzijn van de arbeiders. Veel
arbeiders gingen jarenlang mee in de nationalistische, anti-Koerdische
en anti-socialistische retoriek van de regering en de staat. Nu botste
hun eigen ervaring met die retoriek, terwijl ze in de staking samen
streden met hun Koerdische collega’s en veel steun kregen van
socialistische activisten. Dat maakt duidelijk dat strijd de
ontwikkeling van een politiek en klassenbewustzijn kan versnellen.
Deze strijd brengt ook een les voor de nationale kwestie. Een
zogenaamde “Koerdische” of “democratische ontwikkeling” zoals de
regering naar voor brengt als antwoord op de Koerdische nationale
kwestie, zal niets oplossen indien het van bovenaf wordt opgelegd. Een
oplossing voor de nationale kwestie zal er pas komen indien het van
onderuit wordt gevestigd door de Turkse en Koerdische arbeiders en arme
boeren.
Update
Na urenlang onderhandelen op maandag werd geen akkoord bereikt. De
vakbondsleiding kondigde aan dat het onderling overleg houdt om te zien
wat zal worden gedaan met de stakingsoproep van 3 februari.
|