|
Een groep Belgische soldaten die het reguliere Afghaanse leger moet
opleiden, werd recent onder vuur genomen in de buurt van Kunduz in het
noorden van Afghanistan. Het incident leidde niet tot doden onder de
Belgische soldaten, er kwam wel een Afghaan om. Dit incident stelt
opnieuw de vraag naar de aanwezigheid van troepen in Afghanistan.
Door Damien, Luik
Officieel gaat het om het verdrijven van de Taliban en het heropbouwen
van het land op basis van democratische waarden. Na acht jaar oorlog is
de Taliban effectief van de macht verdreven, maar blijft deze
extremistische organisatie over heel wat steun beschikken. De afkeer
tegen de bezettingsmacht en de rampzalige economische situatie in het
land drijven brede lagen van de bevolking terug in de handen van de
Taliban. Van heropbouw is er niet veel in huis gekomen. De
“bevrijdingstroepen” moeten zich verschuilen en genieten geen steun
onder de bevolking.
De 70.000 buitenlandse soldaten in Afghanistan (die binnenkort
nog eens vervoegd worden door 21.000 bijkomende Amerikaanse soldaten)
hebben er niets bereikt. Drugs blijft de belangrijkste bron van inkomen
in het verwoeste land. De provincie Helmand alleen staat in voor meer
dan 90% van de wereldwijde productie van opium.
Het oorlogszuchtige beleid van minister De Crem, alias Crembo,
wordt in de praktijk gesteund door alle regeringspartijen. Op de één of
andere wijze waren alle traditionele partijen reeds betrokken bij een
oorlogspolitiek. Zelfs de groenen stemden destijds vanuit de regering
in met wapenleveringen aan het onrustige Nepal dat toen een “prille
democratie” werd genoemd.
Als vandaag onder meer de PS van voormalig defensieminister
Flahaut kritiek geeft op De Crem, is dat hypocriet. Op 8 juni, een dag
na de verkiezingen, kondigde Rudy Demotte (PS) aan dat er een grote
wapenlevering aan Libië zou worden verricht. Ecolo stelde terecht dat
dit een weinig verdoken steun aan een autoritair regime vormt. Maar
zouden andere landen de wapens dan minder autoritair en vreedzamer
inzetten? Als we naar de aanpak van het Amerikaanse leger kijken,
kunnen we dat betwijfelen.
Het verzet tegen de oorlogszuchtige politiek en de wapenwedloop
moet de discussie aangaan over een reconversie van de wapenindustrie.
Zo moet er een alternatieve job zijn voor alle arbeiders van
FN-Herstal. Dat is mogelijk, vroeger produceerde FN ook moto’s,
onderdelen voor trolleybussen,... De technologie die vandaag wordt
benut om de wapenwedloop te versterken, kan mogelijk op andere
terreinen worden ingezet om de belangen van de gemeenschap te dienen.
Om dat mogelijk te maken, is een reconversie onder gemeenschapscontrole
nodig.
|